31 MRT (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 31-03-2025 zo ingevuld:
(Toen we klein waren, gingen we naar dezelfde school.) When we were little, we ........ to the same school.
went were gone have been are going
Je gebruikt de verleden tijd om aan te geven dat iets in het verleden is gebeurd en nu is afgelopen. Vaak staat er dan een tijdsbepaling in de zin die aangeeft dat iets is afgelopen, zoals "yesterday, a week ago, last month" etc. 'Go' is een onregelmatig werkwoord en wordt 'went' in de verleden tijd.
Zie ook de pagina verleden tijd.
(Voordat ik ga schoonmaken, breng ik de kinderen naar school.) Before cleaning the house, I will ........ the children to school.
take bring
take = ergens naartoe wegbrengen, meenemen bring = hiernaartoe halen
Zie ook de pagina bring, take.
(We gaan meestal uit dansen op zaterdagavond!) We usually go dancing ........ a Saturday night!
by at on in
'On' (betekenis: op) is een voorzetsel van tijd en wordt altijd gebruikt als je naar een specifieke dag verwijst.
Zie ook de pagina in, at, on.
(Als je wilt afvallen, moet je je aan je dieet houden.) If you want to lose weight, you must stick to your ........ .
diate diete diet diat
Het Engelse woord voor 'dieet' is 'diet'. Spreek uit: 'daajut' met de klemtoon op de eerste lettergreep.
Zie ook de pagina accessible.