15 OKT (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 15-10-2026 zo ingevuld:
(Vera gaat elke week naar het winkelcentrum.) Vera ........ to the shopping centre every week.
went go goes go's
Bij het werkwoord 'go' komt er bij he/she/it -es achter het werkwoord.
Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.
(Ik vind je schoenen geweldig! Waar heb je ze gekocht?) I love your ........ ! Where did you buy them?
shoes shoe's shoe shoese
Het woord "shoe" heeft een regelmatig meervoud. Er komt dus een -s achter het enkelvoud. Let op: je gebruikt in het Engels nooit -'s in het meervoud!
Zie ook de pagina banks, houses.
(Wil je met de auto reizen?) Do you want to travel ........ car?
in by with on
'By' (betekenis: met) is een voorzetsel van beweging.
Zie ook de pagina in, at, on.
(Welke trui vind je leuker: de bruine of de gele?) ........ sweater do you like more: the brown one or the yellow one?
White Which Witch With