........ people have ........ money to spend on luxuries.
'Many' en 'much' betekenen allebei 'veel'.
'Many' gebruik je bij zelfstandige naamwoorden die je kunt tellen, 'much' gebruik je bij zelfstandige naamwoorden die je niet kunt tellen.
'A few' en 'a little' betekenen allebei weinig.
'(A) few' gebruik je bij zelfstandige naamwoorden die je kunt tellen en '(a) little' gebruik je bij zelfstandige naamwoorden die je niet kunt tellen.
'Geld' is een niet-telbaar zelfstandig naamwoord. Je zegt niet: één geld, twee gelden.
Zie ook de pagina
many, much, little, few.