19 FEB (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 19-02-2026 zo ingevuld:
Most people ........ Coca-Cola.
know knows has knowed
Je gebruikt de tegenwoordige tijd om aan te geven dat iets een gewoonte of een feit is.
Zie ook de pagina tegenwoordige tijd.
Julia's nephew lives ........ Australia.
to at in
"In" is in dit geval een voorzetsel van plaats. Je gebruikt dit voorzetsel bij steden, landen en continenten.
Zie ook de pagina in, at, on.
All my relatives ........ me birthday cards last week.
have sent sent are sending
Je gebruikt de verleden tijd (-ed achter het werkwoord) om aan te geven dat iets in het verleden is gebeurd en nu is afgelopen. Vaak staat er dan een tijdsbepaling in de zin die aangeeft dat iets is afgelopen, zoals "yesterday, a week ago, last month" etc.
Zie ook de pagina verleden tijd.
Een betekenis van het Engelse woord 'petty' is ........
kleinzielig benzine humeurig tenger
petty = kleinzielig, onbelangrijk
pettish = humeurig petrol = benzine petite = tenger