26 MRT (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 2 hebben de test van 26-03-2025 zo ingevuld:
After Sarah had lost ten pounds she ........ a new dress.
were bought had bought bought did bought
De verleden tijd (-ed achter het werkwoord) komt vaak voor in zinnen met de voltooid verleden tijd ("have/has" + voltooid deelwoord). De verleden tijd geeft dan aan wat er in het verleden gebeurde nadat er iets anders was gebeurd.
Zie ook de pagina verleden tijd.
The ........ (politie) have arrested the criminals.
police polices police's
Het woord "police" is altijd meervoud. Dus ook: the police are investigating the case.
Zie ook de pagina glasses, police.
Het Engelse woord voor het Nederlandse "analyse" is ........ .
analisys analyse annalysis analysis
Dit is een weetwoord.
Zie ook de pagina accessible.
There weren’t ........ children at the party.
most much many
Voor zelfstandige naamwoorden die je wel kunt tellen, gebruik je "many". Je gebruikt "much" alleen voor niet-telbare zelfstandige naamwoorden.
Zie ook de pagina many, much, little, few.