08 JAN (klik op een pijltje om naar een andere datum te bladeren)
De deelnemers op niveau 1 hebben de test van 08-01-2026 zo ingevuld:
(Gisteren heb ik twintig kilometer gewandeld.) Yesterday, I ........ twenty kilometres.
walk walked am walking have walked
Je gebruikt de verleden tijd (-ed achter het werkwoord) om aan te geven dat iets in het verleden is gebeurd en nu is afgelopen. Vaak staat er dan een tijdsbepaling in de zin die aangeeft dat iets is afgelopen, zoals "yesterday, a week ago, last month" etc. In combinatie met zo'n tijdsbepaling is "have walked" fout in het Engels.
Zie ook de pagina verleden tijd.
(Ik ga wat appels kopen.) I'm going to buy some ........ .
apples appels apple's apple
Het woord "apple" heeft een regelmatig meervoud. Er komt dus een -s achter het enkelvoud. Let op: je gebruikt in het Engels nooit -'s in het meervoud!
Zie ook de pagina banks, houses.
(Ik draag een trui onder mijn regenjas.) I'm wearing a jumper ........ my raincoat.
inside underneath among across
'Underneath' (betekenis: onder) is een voorzetsel van plaats.
Zie ook de pagina in, at, on.
(Ik hou van pizza met mozzarella.) I love pizza ........ mozzarella.
wit with which white
with = met
white = wit which = welk wit = verstand
Zie ook de pagina with, which, witch.