MOB-versie | Naar grote versie






mine, whose

Het Engels heeft twee groepen bezittelijke voornaamwoorden:

  • bijvoeglijke bezittelijke voornaamwoorden
  • zelfstandige bezittelijke voornaamwoorden
     

Bijvoeglijke bezittelijke voornaamwoorden
Deze worden altijd gevolgd door een zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld:

  • my house
    (mijn huis)
     
  • your dog
    (jouw hond / jullie hond)
     
  • his car
    (zijn auto)
     
  • her bag
    (haar tas)
     
  • its food
    (zijn voer, bij dieren en voorwerpen)
     
  • our school
    (onze school)
     
  • your family
    (jouw familie / jullie familie)
     
  • their village
    (hun dorp)
     
  • vragend: whose book is it?
    (wiens boek is het?)
     

Zelfstandige bezittelijke voornaamwoorden
Deze worden niet gevolgd door een zelfstandig naamwoord, bijvoorbeeld:

  • the house is mine.
    (het huis is het mijne, het huis is van mij.)
     
  • the dog is yours.
    (de hond is de jouwe / van jou / van jullie.)
     
  • the car is his.
    (de auto is de zijne / van hem.)
     
  • the bag is hers.
    (de tas is de hare / van haar.)
     
  • the school is ours.
    (de school is de onze / van ons.)
     
  • the family is yours.
    (de familie is van jou / van jullie.)
     
  • the village is theirs.
    (het dorp is het hunne / van hen.)
     
  • vragend: whose is it?
    (van wie is het?)

 






Help | Contact  |  Instellingen  |  


Beter Spellen  Beter Rekenen  NU Beter Engels  NU Beter Duits  NU Beter Frans  NU Beter Spaans  Beter Bijbel  Beter Bijbel  

Martin van Toll Producties
in samenwerking met
Noordhoff Uitgevers